skip to Main Content

Omgaan met pijn en energie

Laat je hersens kraken

Het is soms topsport: omgaan met je energie als je bij alles wat je doet pijn hebt of moe wordt. Dus wees zuinig op je zelf en spreid je vervelende maar o zo noodzakelijke activiteiten zoveel mogelijk over de tijd uit. Wordt slimmer dan slim en laat je hersens kraken om zo efficiënt mogelijk te werken. Denk pragmatisch. Plan zoveel mogelijk pijnlijke klussen verspreid over de dag of over een week.

En dit is voor iedereen anders, immers ieder zit anders in elkaar qua lichaamsbouw, spieropbouw, zwakke plekken, energiepieken en -dalen, of je man of vrouw bent, wat belastend is of juist vreugde geeft, enzovoorts. Dus vind zelf uit wat bij jou het beste past. Doe alles op jouw manier en in jouw tempo.

Wat werkt voor mij

Wat werkt voor mij het beste? Ik ben een ochtendmens en heb ‘s morgens de meeste energie. Bovendien heb ik na de slaap minder pijn en kan dan dus meer aan.

Dus wat doe ik? ‘s Morgens ga ik naar mijn Pilatesgroepje, dat stimuleert de doorbloeding van mijn grote spieren zonder meteen alle kleine pijntjes te voelen. Daarna douchen en eenmaal per week haren wassen (wat vervelend is voor mijn armen). Dan neem ik pauze (lees de krant). Ga boodschappen doen, bekijk wat ik met mijn handen moet doen voor het avondeten en haal wat activiteiten naar de ochtend. Ik schil bijvoorbeeld vast de aardappels. Aan het begin van de middag snijd ik de groente in stukjes. Bij het avondeten verzamel ik al het schoongemaakte eten van die dag en ga ik koken. Dus ik prop niet alles in één uur om het avondeten klaar te maken.

Als ik ga winkelen, ga ik eerst een uur rondsjouwen en daarna pauzeer ik vijf minuten op een bankje of neem een kop koffie. Als ik stofzuig, dan doe ik één dag de benedenetage en de dag erna de bovenetage.

Ik hang de natte was op aan het droogrekje dat natuurlijk op mijn werkhoogte is aangepast. Ik heb in huis alles zoveel mogelijk ingericht zodat ik mijn werk gemakkelijker kan doen. Bovenkastjes zijn lastig (pijnlijk) want dan moet ik boven schouderhoogte werken. Dus daar staan de minder belangrijke dingen. En ik ga op een stevige stoel staan als ik iets uit de bovenkastjes moet halen, zodat ik onder mijn schouderhoogte kan blijven.

Houd de regie over je leven

Ik wissel zware en lichte activiteiten af. Ik vermijd het bewegen niet, immers bewegen moet, is goed voor de doorbloeding. Maar ik beweeg gedoseerd, wissel af, doe leuke en minder leuke (lees: pijnlijke) activiteiten door elkaar, bouw rustmomenten in, bouw zitmomenten in. Ik bedenk wat ik elke dag ga doen en houdt me daaraan (lukt niet altijd als ik eerlijk ben). Ook als ik een goede dag heb, en doe ik toch meer… dan moet ik het bezuren. Dus geniet lekker van die goede dag en offer hem niet op om snel wat af te werken. Leer te stoppen als het nodig is. En denk niet dat dat laatste gemakkelijk is, niets is moeilijker dan stoppen (want je wilt zo graag…)

De computer is helaas niet meer uit mijn bestaan weg te denken, maar o o, mijn rug, nek, armen en vingers vinden het niet leuk. Maar ik wil mijn digitale wereld wel bijhouden. Dus, ik denk na, en leg mezelf op dat ik dan en dan zoveel minuten aan de computer mag. En houd me daaraan (al is de verleiding groot om nog even dit en dat te doen…) Want topsport kent een grote discipline, maar zie eens hoe ver ZIJ en dus ook WIJ hiermee kunnen komen.

En bovenal: accepteer van jezelf dat je minder kracht en energie te besteden hebt. En handel er naar. Word niet passief, maar doe het anders; rustiger, deel je taken in stukjes, blijf binnen je mogelijkheden, stop niet met bewegen, maar doseer je bewegingen. Misschien ervaar je dit alles als verlies en frustratie. Dat zal zeker in het begin zijn. Het is toch een soort rouwfase waarin je belandt, omdat je de dingen niet meer kunt doen zoals je gewend was. Maar blijf daar niet in hangen. Want steeds boos en verdrietig blijven kost veel energie en die kun je veel beter gebruiken. En heb je behoefte aan een luisterend oor, zoek hulp of praat eens met iemand van de RSI-lijn telefoon 0900-7745456.

Tekst: Egbertien Martens

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top