Skip to content
 

Heb je al langere tijd RSI-klachten die maar niet overgaan? Of pijn die zich juist lijkt uit te breiden, terwijl een arts geen schade kan vinden in je spier, pees of zenuw? Dat is niet vreemd, en het is geen aanstellerij. Bij langdurige pijn kan je lichaam de pijn zelf overgevoelig gaan verwerken. In dit artikel leggen we uit hoe dat werkt, en waarom dit voor veel mensen juist hoopvol nieuws is.

Voor wie is deze informatie?

Voor iedereen met langdurige RSI-klachten die maar niet overgaan, klachten die zich verspreiden of van plek wisselen, of voor mensen die te horen kregen dat er niets te zien is op een scan of test. Ook voor naasten van iemand met deze klachten.

Belangrijk vooraf. De RSI-Vereniging heeft geen eigen mening over één oorzaak van RSI-klachten. We informeren over wetenschappelijke verklaringen. Centrale sensitisatie is een breed erkend mechanisme bij langdurige pijn. Maar hoe groot de rol ervan is, verschilt per persoon. Dit model is goed onderbouwd. Toch betekent dat niet dat het bij iedereen dé verklaring is. Gebruik deze informatie dus om te begrijpen, niet om jezelf een diagnose te geven.

Eerst kort: wat is RSI ook alweer?

RSI is geen aparte ziekte. Het is een verzamelnaam voor klachten in arm, nek en schouder. In Nederland wordt hiervoor ook de term KANS gebruikt (Klachten aan Arm, Nek en/of Schouder). Wil je hier meer over weten? Lees dan eerst de pagina Wat is RSI?

Klachten kunnen specifiek zijn. Dan is er een duidelijke diagnose, zoals het carpaletunnelsyndroom (een beknelde zenuw in de pols). Klachten kunnen ook aspecifiek zijn. Dan zijn er wel pijn, tintelingen of stijfheid, maar geen aantoonbare afwijking. Dit staat beschreven in de Multidisciplinaire Richtlijn aspecifieke KANS.

Deze tekst gaat vooral over de aspecifieke en langdurige klachten. Juist daar kan centrale sensitisatie een rol spelen.

De drie vormen van pijn

Pijnonderzoekers kijken tegenwoordig op een nieuwe manier naar pijn. De Internationale Vereniging voor de Studie van Pijn (IASP) beschrijft sinds 2021 officieel drie vormen van pijn. Dat staat in een veelgebruikt onderzoek van Kosek en collega’s in het tijdschrift Pain.

Vorm van pijnWat is er aan de hand?Voorbeeld
Nociceptieve pijnPijn door schade aan weefsel, zoals een spier, pees of gewricht. Het alarmsysteem van het lichaam werkt gewoon goed.Een verzwikte enkel, een peesontsteking.
Neuropathische pijnPijn door een beknelling, beschadiging of ziekte van een zenuw zelf.Een beknelde zenuw, zoals bij het carpaletunnelsyndroom.
Nociplastische pijnPijn doordat het systeem dat pijn waarneemt zelf overgevoelig is geworden. Er is geen (of te weinig) schade in weefsel of zenuw om de pijn te verklaren.Veel langdurige, diffuse arm- en nekklachten.

Diffuus betekent: verspreid, niet op één duidelijke plek.

Nociplastische pijn is de nieuwe derde vorm. Het belangrijkste om te onthouden: de pijn is echt. Wat je voelt, voel je. Alleen de oorzaak zit niet (meer) op de plek waar het pijn doet, maar in de manier waarop je zenuwstelsel pijnsignalen verwerkt.

Dit nieuwe begrip is internationaal goed onderbouwd. Het gezaghebbende tijdschrift The Lancet beschrijft nociplastische pijn als een van de meest voorkomende, maar lang onbegrepen vormen van aanhoudende pijn. En sinds 1 januari 2022 staat deze pijn ook officieel in de internationale lijst van diagnoses (de ICD-11 van de Wereldgezondheidsorganisatie), als chronische primaire musculoskeletale pijn. Aspecifieke KANS valt hieronder.

Belangrijk om te weten: dit is een erkenning, geen afzwakking. Het is nu officieel vastgelegd dat deze pijn echt bestaat en een eigen verklaring heeft. De Wereldgezondheidsorganisatie erkent chronische pijn zelfs als een ziekte op zich.

Wat is centrale sensitisatie precies?

Centrale sensitisatie betekent dat je centrale zenuwstelsel (je ruggenmerg en je hersenen) in een staat van verhoogde prikkelbaarheid komt. Daardoor worden pijnsignalen sneller, sterker en over een groter gebied doorgegeven dan normaal. Dat blijkt uit onderzoek van Nijs en collega’s in The Lancet Rheumatology.

Stel je je pijnsysteem voor als een inbraakalarm. Bij een gezond alarm gaat het pas af bij een echte inbraak. Bij centrale sensitisatie staat het alarm zó gevoelig afgesteld dat het ook afgaat bij een windvlaag of een langslopende kat. Dus bij prikkels die eigenlijk niet gevaarlijk zijn. Het alarm is niet stuk. Het staat alleen te scherp.

Dit verklaart twee dingen die veel mensen herkennen:

Van pijn op één plek naar pijn die zich verspreidt. Klachten die begonnen op één plek, bijvoorbeeld je pols, kunnen zich uitbreiden naar je hele arm, schouder of nek. Dat komt niet doordat de schade zich verplaatst. Het komt doordat het overgevoelige zenuwstelsel de pijnsignalen als het ware uitsmeert over een groter gebied.

Pijn bij gewone prikkels. Een lichte aanraking, een kleine beweging of een normale activiteit kan al pijn gaan doen. Hiervoor bestaan vaktermen: allodynie (pijn door iets wat normaal geen pijn doet) en hyperalgesie (meer pijn dan bij de prikkel past). Je hoeft die woorden niet te onthouden. Het gaat erom dat je begrijpt: je systeem reageert te sterk, niet omdat er iets kapot is.

Dit is geen keuze en geen zwakte. Dit overgevoelige alarm overkomt je. Het is een soort leerproces van het zenuwstelsel dat bij iedereen kan optreden na langdurige pijn (Nijs e.a., The Lancet Rheumatology).

Hoe ontstaat zo’n overgevoelig pijnsysteem?

Meestal is er niet één oorzaak. Vaak versterken verschillende dingen elkaar. Zo kan een soort vicieuze cirkel ontstaan:

  • Langdurige pijn kan de pijndrempel verlagen. Hoe langer je zenuwstelsel pijnsignalen doorgeeft, hoe gevoeliger het afgesteld kan raken.
  • Stress en pijn kunnen elkaar voeden. Bij stress staat je lichaam meer aan. Dat kan de doorbloeding van spieren verminderen en pijn versterken. En pijn is zelf óók een vorm van stress. Zo kan een cirkel ontstaan.
  • Gedachten en angst spelen mee. Je hersenen bepalen mede hoeveel pijn er wordt doorgelaten. Angst, voortdurend op de klachten letten, of gedachten als er is vast iets ernstig kapot kunnen het pijnsysteem juist aanjagen.

Let op: dit betekent niet dat de pijn ingebeeld is. Het betekent dat je brein een echte rol speelt in een echt, lichamelijk pijnsysteem.

En de kip-of-ei-vraag? Of het overgevoelige zenuwstelsel de pijn veroorzaakt, of dat de langdurige pijn het zenuwstelsel overgevoelig maakt, is vaak niet hard vast te stellen. Het werkt waarschijnlijk in beide richtingen.

Hoe wordt nociplastische pijn herkend?

Dit is belangrijk, zowel voor je geruststelling als om zelfdiagnose te voorkomen.

  • Er bestaat geen scan, foto of bloedtest die centrale sensitisatie rechtstreeks aantoont. Een arts stelt het vast op basis van het patroon van je klachten, en door andere oorzaken uit te sluiten (Kosek e.a., Pain).
  • Een arts let onder andere op: pijn die langer duurt en heviger is dan het oorspronkelijke letsel verklaart, pijn die zich uitbreidt, overgevoeligheid voor aanraking, druk of temperatuur, en bijkomende klachten zoals vermoeidheid of slecht slapen (Kosek e.a., Pain).
  • Dat er niets op de scan te zien is, betekent niet dat de pijn niet echt is. Bij nociplastische pijn hoort het er juist bij dat beeldvorming geen verklaring geeft (Fitzcharles e.a., The Lancet).

De diagnose wordt dus gesteld door een arts of pijnspecialist, niet door jezelf. Stel je vast dat veel hiervan klopt? Bespreek het dan met je huisarts of bedrijfsarts.

Waarom dit eigenlijk goed nieuws is

Als de pijn niet (meer) komt door schade, maar door een overgevoelig pijnsysteem, dan betekent dat ook iets hoopvols: het systeem kan opnieuw leren om minder sterk te reageren.

Een alarm dat te scherp staat afgesteld, kun je vaak weer rustiger afstellen. Dat kost tijd en oefening. Maar het laat zien dat verbetering mogelijk is, ook als de pijn al lang bestaat. Pijn betekent in dit geval ook niet automatisch dat bewegen schadelijk is. In het volgende deel lees je wat daarbij kan helpen.

Wat helpt bij centrale sensitisatie?

De aanpak draait meestal niet om rust en ontzien. Het draait juist om stap voor stap weer vertrouwen te krijgen in beweging. Wat kan helpen:

  • Begrijpen wat er gebeurt (pijneducatie). Uitleg over hoe pijn werkt, kan angst én pijn verminderen. Dat werkt vooral goed in combinatie met oefentherapie. Een overzicht van onderzoek bij chronische nekpijn (Lin e.a., European Journal of Pain) vond dat pijneducatie de pijn en de angst om te bewegen kon verminderen, vooral samen met oefeningen.
  • Geleidelijk weer bewegen. Je bouwt activiteiten stap voor stap op, op een vast schema in plaats van op geleide van de pijn. Zo doorbreek je langzaam de koppeling tussen pijn en gevaar. Dit staat ook in de Multidisciplinaire Richtlijn aspecifieke KANS.
  • Oefentherapie als basis. Bij aspecifieke, werkgerelateerde KANS is aangetoond dat oefentherapie beter werkt voor pijnvermindering dan geen behandeling (Multidisciplinaire Richtlijn aspecifieke KANS). Wel een eerlijke nuance: voor chronische nekpijn laat recenter onderzoek zien dat sommige behandelingen het functioneren verbeteren, maar de pijn niet altijd méér verlagen dan een nepbehandeling. Houd je verwachtingen daarom realistisch.
  • Aandacht voor stress, slaap en werkdruk. Omdat stress het pijnsysteem aanjaagt, hoort het verminderen van stress en werkdruk bij de aanpak. Een overzicht van langlopend onderzoek laat zien dat factoren als hoge werkdruk en weinig eigen regie samenhangen met meer klachten aan het houdings- en bewegingsapparaat, waaronder arm, nek en schouder (Bezzina e.a., Workplace Health & Safety).
  • Een team van behandelaars bij hardnekkige klachten. Helpen eerdere behandelingen niet en duren de klachten langer dan 3 maanden? Dan kan een aanpak met meerdere zorgverleners passend zijn, bijvoorbeeld een revalidatiearts, fysiotherapeut, ergotherapeut en psycholoog samen. Lees meer op de pagina over behandeling.

Hoe er over pijn wordt gepraat, maakt uit (het nocebo-effect)

De woorden die een zorgverlener gebruikt, kunnen je pijn beïnvloeden. Negatieve verwachtingen en alarmerende taal kunnen klachten in stand houden of zelfs verergeren. Dit heet het nocebo-effect: het tegenovergestelde van het placebo-effect (Rossettini e.a., Frontiers in Psychology).

Woorden als versleten, instabiel, beschadigd of kapot kunnen onbedoeld het gevoel van gevaar vergroten. En dat kan een overgevoelig pijnsysteem juist voeden. Het is normaal en zinvol om aan je zorgverlener te vragen of die uitleg wil geven in neutrale, begrijpelijke taal.

Het werkt ook andersom. Goede uitleg over hoe pijn werkt, samen met het stap voor stap weer durven bewegen, kan helpen om negatieve verwachtingen bij te sturen.

Een aanvullende manier van kijken: enactivisme

Naast het model van centrale sensitisatie bestaat er nog een bredere manier van kijken naar langdurige pijn: het enactivisme. Daarin wordt pijn gezien als iets dat ontstaat in de wisselwerking tussen je lichaam, je brein en je omgeving. Dus niet als een simpel signaal vanuit één beschadigd lichaamsdeel.

Zie dit als een verdiepende, optionele manier van kijken, en niet als bewezen feit. Wil je hier meer over lezen? Bekijk dan de pagina Enactivisme: een ander denkbeeld over chronische pijn van drs. W. Oerlemans.

Wanneer ga je toch (opnieuw) naar de arts?

Centrale sensitisatie verklaart veel. Maar het mag andere oorzaken niet maskeren. Neem contact op met je huisarts of bedrijfsarts bij:

  • nieuw of toenemend krachtsverlies, of dingen laten vallen
  • aanhoudende of toenemende gevoelloosheid of tintelingen die je ’s nachts wakker houden
  • koorts, of pijn die uitstraalt naar plekken die niet bij je gewone klachten passen

Deze signalen sluiten aan bij de aandachtspunten uit de anamnese-informatie over aspecifieke KANS van STECR. Onthoud: centrale sensitisatie stelt zelf nooit een andere, ernstige oorzaak vast of uit. Twijfel je? Laat het altijd beoordelen.

Samengevat

  • Pijn die aanhoudt of zich uitbreidt zonder zichtbare schade is een bekend en erkend verschijnsel: nociplastische pijn door centrale sensitisatie (Kosek e.a., Pain; ICD-11 / Treede e.a., Pain).
  • De pijn is echt. Je pijnsysteem staat te scherp afgesteld. Je stelt je niet aan (Nijs e.a., The Lancet Rheumatology).
  • Omdat het om een onbewust aangeleerde overgevoeligheid gaat, is verbetering mogelijk: met uitleg over pijn, geleidelijk bewegen, aandacht voor stress, en zo nodig een team van behandelaars.
  • Hoe er over pijn wordt gepraat, doet ertoe. Negatieve verwachtingen kunnen klachten in stand houden. Goede uitleg, samen met weer durven bewegen, kan helpen (Rossettini e.a., Frontiers in Psychology).

Meer informatie en bronnen

Betrouwbare informatie over chronische pijn

Informatiecentrum chronische pijn (Pijnstad)
De WHO erkent chronische pijn officieel als ziekte (NVA)

Wetenschappelijke bronnen (pijnmechanismen en classificatie)

  • Kosek E, Clauw D, Nijs J, e.a. Chronic nociplastic pain affecting the musculoskeletal system: clinical criteria and grading system. Pain 2021;162(11):2629-2634. Link
  • Fitzcharles MA, Cohen SP, Clauw DJ, e.a. Nociplastic pain: towards an understanding of prevalent pain conditions. The Lancet 2021;397(10289):2098-2110. Link
  • Nijs J, George SZ, Clauw DJ, e.a. Central sensitisation in chronic pain conditions. The Lancet Rheumatology 2021;3(5):e383-e392. Link
  • Treede RD, Rief W, Barke A, e.a. Chronic pain as a symptom or a disease: the IASP Classification of Chronic Pain for ICD-11. Pain 2019;160(1):19-27. Link

Behandeling, werkfactoren en taal

  • Lin LH, Lin TY, Chang KV, e.a. Pain neuroscience education for reducing pain and kinesiophobia in patients with chronic neck pain. European Journal of Pain 2024;28(2):231-243. Link
  • Bezzina A, Austin E, Nguyen H, James C. Workplace Psychosocial Factors and Their Association With Musculoskeletal Disorders: A Systematic Review of Longitudinal Studies. Workplace Health & Safety 2023;71(12):578-588. Link
  • Rossettini G, e.a. Unraveling Negative Expectations and Nocebo-Related Effects in Musculoskeletal Pain. Frontiers in Psychology 2022;13:789377. Link
  • Multidisciplinaire Richtlijn aspecifieke KANS (KNGF, 2012)
  • Anamnese-informatie aspecifieke CANS/RSI (STECR Laboretum)

Achtergrondliteratuur

  • Brunnekreef JJ. Repetitive strain injury: A novel focus on an ancient problem (dissertatie, Radboud Universiteit Nijmegen, 2012).
  • Dekker M. Healthy Computer Working (2022) — hoofdstuk over pijnverwerking, centrale sensitisatie en de vrees-vermijdingscirkel.
Back To Top